Chinese cities, and Shanghai in particular, seem to possess a morphology and a mechanism able and daring enough to absorb high-speed developments with great flexibility. In contrast to the rationally laid out grid city, in Eastern cities solutions for all kinds of programmes are worked out organically. In this situation, however, slow traffic continues to lose out to the car. This means that with few exceptions public spaces are used up by a different programme. Furthermore, traditional collectivist communes are rapidly being replaced by compounds consisting of a number of heavily enclosed tower blocks.

These phenomena tend to encourage the creation of a strongly segregated urban fabric. If Shanghai wants to build a city which also offers a certain quality of life it must dare to take a new leap forward. The Infra Arcadia is a new, large-scale raised infrastructure project at least as large in scale as the elevated road system. Its roads would not however be surfaced in asphalt, but would accommodate a completely artificial form of nature intended for pedestrian traffic. Starting off in existing green areas in and around the city, elevated clusters containing luxuriant trees and shrubs and rigidly maintained strips of parkland, would lead into a skyscraper jungle. The Infra Arcadia would therefore enter the existing skyscraper jungle at around seventh floor level, creating a new form of integration with the urban fabric.

/work/urban_politics/images/062_Shanghai-Manifest_diagram_02b.jpg/work/urban_politics/images/062_Shanghai-Manifest_plan_02.jpg/work/urban_politics/images/062_Shanghai-Manifest_collage_01.jpg

Delirious Shanghai

Is New York toevallig de bakermat van de modernisering, het symbool van de 20e eeuwse planningsutopie? En zo ja, volstaat ze ook als model voor de 21e eeuw, wetende dat de economische logica sterk is getransformeerd? Is het enkel vanuit demografie te herleiden dat Aziatische steden explosief groeien of ligt er ook een oorzaak in de impliciete blauwdruk? In ieder geval lijken Chinese steden, en Sjanghai in het bijzonder, een morfologie te bezitten en een mechanisme te hanteren dat razendsnelle ontwikkelingen soepel in zich op kan en durft te nemen.

Waar New York lijkt te stagneren en trots haar gebouwde stad koestert, groeit Shanghai met een sterke focus op de toekomst (gepaard gaande met een historie veronachtzaamde houding). Alleen al in 2005 zijn er in Shanghai meer kantoren gerealiseerd dan er in totaal in New York aanwezig zijn. Uiteraard heeft dit alles te maken met de economische voorspoed waar China mee te maken heeft, maar de vraag blijft hoe een stad met deze ultrasnelle stedelijke ontwikkeling om kan gaan.

Grid
Het veel bejubelde, en nog vaak toegepaste (Manhattan) grid symboliseert een perfecte harmonie tussen rigiditeit en flexibiliteit, tussen orde en (gecontroleerde) chaos. Het voornamelijk verkeerskundig raster zorgt voor gelijkmatige ontsluiting, terwijl de plots en de Zoning Law alle ruimte bieden voor individuele expressie in de torens. Echter, beide maat-regels worden gedefinieerd in het platte vlak, vanuit het maaiveld: het grid door haar locus en de Zoning Law door haar wens genoeg daglicht toetreding te hebben op ooghoogte. Het New York grid vormt daarmee in wezen een 2-dimensionaal systeem met een 3-dimensionaal resultaat. De economische waarde wordt daarmee voor een groot gedeelte ook bepaalt door de maaiveld aansluiting en de koppeling met vervoerstromen. De vraag is echter of het ook bestand is tgen onwtwikkelingen in de toekomst. Le Corbusier noemde het stedenbouwkundig model van New York ‘stammend uit het tijdperk van het paard’, terwijl zijn ruimer opgezette model van de Radiant City uiteraard wel was opgewassen tegen het auto-tijdperk. Deels cultureel bepaald, maar zeker ook stedenbouwkundig zit er het laatste decennium duidelijk een stagnatie in de ontwikkeling. Door architectonisch zelfgenoegen, veel van Manhattans torens zijn tot monument verklaard, en een angst voor grote nieuwe ontwikkelingen dreigt het eens zo vooruitstrevende New York het zelfde lot tegemoet te treden als de verstilde binnensteden van Parijs en Londen. Steden die hun veranderlijkheid verliezen ten bate van de monumentale (lees: toeristische) aantrekkingskracht.

Humus
Shanghai heeft nooit een rigide grid gekend en al helemaal geen Zoning Law. Wel is er een heldere verkaveling die op kleinschalige wijze de oude binnenstad definieert en naar buiten toe in trapsgewijs in maat toeneemt. Qua verkeersintensiteit is er dus ook sprake van verdichting richting het centrum en wat meer ontspannen, maar grootschaliger structuren in de buitenrand. De bebouwing bestond veelal uit lage woningcomplexen met in de plint winkels en kleine bedrijven.
In 1980 werden de Special Economical Zones geïntroduceerd, wat een grote toestroom van buitenlandse bedrijven betekende en, ook al was het reeds een redelijk toegankelijke havenstad, dit in Shanghaj voor een gigantische bouwwoede zorgde.  Deze kantoor en woningproductie vond, vanwege haar snelheid, dan ook veelal ongeregeld plaats. Zo ontstond langzamerhand een bonte verzameling van hightech-kantoren en vervallen, traditionele hutongs, niet ver van elkaar verwijderd, maar programmatisch compleet vervlochten met elkaar. ‘Michigan Avenue is wellicht een voorbeeld van een goed samengaan van wonen, winkel- en zakencentra. Aan Nanjing Lu probeert men nu ook deze functies samen te brengen. In de rest van de stad lijkt dat maar niet te lukken; het is daar veel meer een rommeltje: elk stadsdeel wil zo zijn eigen stukje van de welvaarts-koek meepikken, maar dat gebeurt niet al te gestructureerd’, aldus freelance journalist Fons Tuinstra.
Het lijkt op het eerste gezicht een vorm van tabula rasa-planning, maar er kan moeilijk ontkent worden dat er niets was. Zowel een verkeerssysteem, het concentrische Sjanghai-grid, als sociale en economische structuren waren ruimschoots aanwezig en bestonden in een fijnmazige symbiose. Toch lijken ongecontroleerde, ‘liberale’ ontwikkelingen in de vorm van tientallen verdiepingen tellende flats daar ruw afbreuk aan te doen, maar het contrastrijke gevolg is juist zo interessant. Zonder te vervallen in een beoordeling van’grote contrasten tussen arm en rijk’ is het eerder een vorm van ‘oosters fatalisme’: weinig geplande, ontvankelijke en vooral optimistisch  houding ten aan zien van nieuwe ontwikkelingen. De voor het Westen vreemde mix van stedelijke vormen, blijkt een voedingrijke bodem en vruchtbare ontsluiting voor de grote economische krachten die momenteel op de stad inwerken.

Vertical bypass
Als gevolg van deze toename in gebruiksoppervlak ontstonden er de te verwachten verkeersopstoppingen. Mede dankzij de niet-planning werden vooral de kleinschalige delen van de stad zwaar belast. Zonder al teveel inspraak is er dan ook grootschalige ‘stadsvernieuwing’ toegepast, echter op een andere schaal dan in Nederland. Op ietwat irrationale wijze zijn er grote bundels infrastructuur door de stad getrokken op grote hoogte zwevend boven het bestaande maaiveld. Zoveel mogelijk werd hierbij aangetakt op de bestaande wegen, zodat de afwikkeling vloeiend zou verlopen. Op sommige plekken lopen de bundels in vijf verdiepingen over elkaar heen en scheren ze dikwijls vlak langs bestaande bebouwing.
Voor de aanleg is er zeker gedacht met deze ingrepen de bestaande verkeersdruk te kunnen absorberen. Door deze vertical bypasses zou het bestaande wegennet worden ontlast en doorgaand verkeer sneller kunnen worden afgewikkeld, maar al kort na de realisatie bleken de bundels ook een vorm van self fulfilling prophecy te zijn. De combinatie van de gedeeltelijke economische openstelling van China en de aanleg van de hypermetropolitaine infrastructuur werd een licht ontvlambare conditie.
Zowel het verkeer op de infrabundels nam toe als het deels verlamde verkeer op het oorspronkelijke maaiveld, waardoor in no time de zwakste schakel in het netwerk, de voetganger in het gedrang kwam. Zodoende zijn dan ook op de drukkere punten boven het maaiveld, onder de opgetilde wegenstructuur, grote voetgangersbruggen aangelegd. Het geheel oogt als een intelligent organisme met rizomatische verknopingen gecombineerd met rationele ingenieurskunt. De vraag blijft wel hoelang het duurt voor de volgende stap.

Two steps ahead
Terwijl New York als stad het vroegkapitalistische tijdperk daadkrachtig wist te ontsluiten, zo is Shanghai in staat in een tijd van complexe globalisering een heimat te bieden aan de razendsnelle mondiale krachten. Waar New York vertrouwde op een hyperrationeel 2-dimensionaal systeem, daar lijkt Shanghai groeistuipen op te vangen in een 3- en zelfs 4 dimensionale ruimte. 3-Dimesionaal vanwege de verticale wending in de infrastructuur, zowel auto’s als voetgangers worden in grote hoeveelheden de lucht in gestuurd. 4-Dimensionaal, omdat de Chinese toekomstgerichte houding probeert te faciliteren in toekomstige behoeften, in plaats van te anticiperen op bestaande ontwikkelingen, waardoor ze werken als self fulfilling prophecy. Door enkele stappen vooruit te denken is een stad als Shanghai constant in staat direct in te kunnen spelen op de komst van hoofdkantoren, grootschalige middenklasse skyhoods (neighborhood in skyscrapers) en toenemend toerisme.

Gated public space
De razendsnelle ontwikkelingen zijn in de zin van sociaal-maatschappelijke vooruitgang toe te juichen, aangezien steeds meer Chinesen zich kunnen opwerken uit de armoede. Er schuilt echter wel een gevaar in de onzorgvuldigheid waarmee er residential areas uit de grond worden gestampt en de wijze waarop er wordt aangetakt op de bestaande openbare ruimte structuren. In het besproken contrastrijke stadsbeeld doemen namelijk wel zorgelijke voorbeelden op, waarbij in de zelfde straat fijnzinnige traditionele, met de omgeving vervlochten buurtjes schril afsteken bij zwaar omheinde, gelandscapte parkeerplaatsen met hierin een vijftal superslabs. Volledig uitgerust met elektronisch hek en poortwachter vormen ze ware eilanden in de stad, met soms slechts een enkele doorgang en voorts hoge, gesloten muren. Stel dat dit het nieuwe paradigma zou zijn van alle toekomstige ontwikkelingen, dan wordt het nu tijd om aan de bel te trekken. Het zou een absolute doodsteek zijn voor het openbare leven, dat zich momenteel zo nadrukkelijk manifesteert middels kleine winkeltjes, bedrijfjes en horeca die lukraak in het stedelijk weefsel zijn ontstaan. Ook in China zelf is er al kritisch commentaar te horen op deze ontwikkeling. Op de expositie China Contemporary in Rotterdam is een werk te zien van Jiakun Architects, getiteld Guangzhou Time Rose Garden. In de omsloten binnentuin van een gated community wordt een door Alain Fauraux en Rem Koolhaas ontworpen museum gebouwd. Een openbaar voetpad slingert via het museum door de besloten tuin, hoog boven de grond en soms door het water, zodat ze niet betreden kan worden. De frustratie is duidelijk verbeeld, waarbij de combinatie van de opgetilde infrastructuur en de realiteit van de omheining elkaar duidelijk versterken. Beide ontwikkelingen zorgen voor een andere vorm van publiek domein, die nog maar weinig doen denken aan de oorspronkelijke humus: het fijnzinnige netwerk van steegjes, straten, pleinen en binnentuinen. De vraag is dan ook of de ontwikkelingen duurzaam zijn voorde stad als geheel.

Duurzaamheid
Niet meer dan 30 jaar wordt aangehouden als de levensduur van een gemiddeld bouwproject. Zoals de in China bouwende architect Ruurd Gietema reeds opmerkte: ‘De Chinezen spelen het klaar om een gebouw, twee maanden na de oplevering, er al uit te laten zien alsof het in geen tien jaar is onderhouden.’ Er zijn vele voorbeelden waarbij op een afstand de gebouwen er redelijk uit zien, maar van dichtbij en binnenin alle onzorgvuldigheden zich direct tonen. Ongetwijfeld het gevolg van het weerzinwekkende tempo, waarbij er soms wel drie verdiepingen per dag worden gerealiseerd, maar desalniettemin de vraag of het zin heeft om zo te bouwen.
Aan de andere kant is het natuurlijk wel een flexibel systeem, zodat de bestaande bebouwing vrij snel weer kan wijken voor nieuwe, welke weer een beter antwoord vormt op de vraag. Momenteel bestaan er slechts twee vragen die er echt toe doen: hoe snel en hoeveel? Misschien komt dan op het moment dat qua aantallen het equilibrium is bereikt de vraag om buigt naar kwaliteit en diversiteit. Want zeker dat laatste is allerminst aan de orde. De nieuwbouw observerend lijkt het eerder een vorm van catalogusbouw op grote schaal dan op een locatiespecifieke, projectmatige aanpak. De zelfde ensembles flatgebouwen komen in licht afwijkende vorm her en der voor. In de meest positieve beschouwing kan de grote bouwproductie gezien worden als massale bladval, die even de tijd nodig heeft om zich te voegen in zijn vruchtbare ondergrond door geleidelijke afbraak en de inwerking van aanwezige stoffen.

Geweten
De ongelooflijke wil tot ontwikkelen heeft ook een keerzijde. Naast de reeds genoemde radicale privatisering en de korte levensduur van de gebouwen is een van de grootste negatieve effecten ongetwijfeld de luchteronteigening. Door de gigantische verkeersdichtheid, twee tot vier lagen, en gebruik van oude dieselmotoren is het af te raden te lang in de nabijheid van de verkeersassen te begeven. Het schrille contrast met de blinkend schone openbare ruimte komt tot uiting in de vele schoonmakers met mondkapjes op. Maar hoezeer ze ook hun best doen, de uitlaatgassen bepalen in grote mate de beleving van de openbare ruimte als een vervuilde omgeving. Vanwege de hoge dichtheden is het dan ook moeilijk ontsnappen aan deze malaise, slechts een enkel parkje biedt een alternatief.
In de bouwwoede is met name infrastructuur en bebouwing geëxpandeerd, maar de ontwikkeling van een wezenlijk stedelijk ingrediënt, namelijk publiek groengebied, is zwaar achtergebleven. In de oorspronkelijke configuratie van de stad was groen in de vorm van parkjes en tuinen nauw vervlochten met de bebouwing en was er ook niet een zware noodzaak tot het hebben van grootschalig groen.
Met de komst van de Wereldexpo naar Shanghai wordt middels het credo ‘Better city, better life’, een nieuw tijdperk ingeluid. De stad ziet in dat een duurzame ontwikkeling, zowel fysiek als sociaal, nauw samenhangt met de balans tussen bebouwing en kwalitatieve openbare ruimte. Rijdend over de snelweg is er paradoxaal genoeg veel groen te zien doordat men containers met groenblijvende struiken aan de vangrail heeft gemonteerd. Echter op maaiveld, het domein van langzaam verkeer, is een park of groenstrook nauwelijks te vinden.

The next leap
Wil Shanghai in het zelfde tempo doorgroeien en aan het eind van de 21e eeuw bekend komen te staan als de stad als antwoord op de complexiteit van het globale tijdperk, waar dichtheden ongekend zijn, maar het er toch goed leven is, dan moet er een nieuwe sprong worden gemaakt. Op een zelfde schaal als in de jaren 80 het verkeersnetwerk is aangelegd, zo zal er een volgend grand project de self fulfilling prophecy  moeten worden voor de komende twintig jaar. Gezien de recente ontwikkelingen en de grote knelpunten van de stad ligt het voor de hand dat de nieuwe ingrepen het maken van een leefbare stad ten doel moeten hebben. Hoe dan ook zal de volgende sprong in de impliciete continue ontwikkelingslijn van de Shanghai moeten liggen, welke start in de humuslaag en zich naar boven toe vertakt en verknoopt.

Infra Arcadia
Het voorstel om Shanghai weer een stap verder te brengen is een minsten even grootschalige structuur boven het maaiveld aan te leggen als de opgetilde wegen. Deze zal echter niet met asfalt worden bekleed, maar compleet artificiële natuur herbergen. Vertrekkend uit de bestaande groene gebieden, in en rondom de stad, zullen hoog opgetilde bundels met weelderig groeiende bomen en struiken, maar ook strak onderhouden parkstrips, de  skyscraper jungle intrekken. Dan weer fijnvertakt, dan weer uitdijend scheren de groene infrabundels langs de bestaande flatgebouwen. Op dit niveau, zo rond de 7e verdieping, ontstaan nieuwe ontsluitingen in de wolkenkrabber. Een zogeheten tweede maaiveld wordt geïntroduceerd en de toren wordt plaatselijk uit haar introvert houding verlost. Sinds lange tijd is er weer een keuze mogelijk, een alternatief om niet alleen via de lift en de poortwachter uit de enclave te ontsnappen. Zodoende deconstrueert de Infra Arcadia de opzet van het torendogma, hij trekt hem open en betrekt de inhoud opnieuw op de omgeving, op de stad. Als een katalysator zet de structuur, daar waar hij met het maaiveld in contact komt, latente potentie om in daadkracht: Niets betekenende plantsoenen worden plots groene reuzen met aanzien. Als een soort ufo met een missie manipuleert Infra Arcadia de humuslaag en ontketent een zelfreflectie. Veelvuldig wordt afgevraagd, lopend door de wolken in het groen, waarom dat niet beneden ook zo kan zijn. Door het grotere verband krijgen incidentele plekken, los geweekt van hun omgeving, weer zin om onderdeel van de stad te zijn, er toe willen doen. Ook hoogbouw zal contempleren over de vraag waarom de verhoudingen zo zoek zijn geraakt en waarom het uitkijken over een smogovergoten jungle van torens niet kosmopolitisch blijft. Infra Arcadia is de logische volgende stap in de continuerende ontwikkeling van Shanghaj, zonder dat ze van tevoren te voorspellen was. Ook staat al vast dat ze binnen afzienbare tijd ook weer achterhaald zal worden door ten onder te gaan aan haar succes. Spoedig zal er weer een volgende stap gemaakt moeten worden die enkel te begrijpen is vanuit de organische groei van deze stad.

Veranderen wij China of verandert China ons?
Beperkend tot de stedenbouw en daarmee samenhangende cultuur, moet toe worden gegeven dat de expliciet rationele blauwdruk van een stad als New York het af moet leggen tegen de pragmatisch-continuistische tactiek die in Sjanghai wordt gebezigd. Ik ben ervan overtuigd dat de laatste een beter antwoord heeft op de vragen van deze en komende tijden en de volledige maakbaarheid heeft afgedaan. In die zin is Shanghai een les in antiplanning, maar tegelijkertijd in hyperplanning. Misschien ligt de crux dan ook zowel in het lokale als het globale en de kunst om ze met elkaar in contact te brengen zonder afbreuk te doen aan de complexiteit en diversiteit. Het kleinschalige gerommel in de humus is van vitaal belang voor snelle absorptie van krachten, terwijl de grootschalige bypasses nodig zijn om sprongen door de tijd richting de toekomst te maken. Shanghai toont een voor het Westen vreemd soort sensitiviteit, los van politieke of culturele dogma’s, waarvan veel geleerd of beter gezegd afgeleerd kan worden. China zal dan ook ten eerste zich zelf veranderen en haalt zonodig hiervoor kennis en inspiratie buiten de deur, maar zal vervolgens onze aandacht trekken en geleidelijk ons veranderen.

Name: Shanghai Manifesto
Location: Shanghai
Date: 2006
Area: Shanghai region
Client: Unsolicited
Status: Study